babys-ontwikkeling-6-maanden-650x240

Baby's ontwikkeling 6 maanden

Je baby kan steeds beter zelfstandig rechtop zitten en kijkt vanuit een andere positie naar de wereld om hem heen. Dat is leuk! Alles wat hij in zijn handjes krijgt, stopt hij in zijn mond. Dat is zijn manier om te onderzoeken.

Rond de 6 maanden heb je opnieuw een afspraak bij het consultatiebureau. Bij je bezoek wordt je baby opnieuw gewogen en gemeten. Deze gegevens worden opgenomen in de groeicurve en in je Groeiboekje. De jeugdarts kijkt ook naar de ontwikkeling van je kind op gebied van de grove en de fijne motoriek, de spraakontwikkeling en de algemene gezondheid.

Bereid je voor

Om een goed beeld te krijgen van hoe je baby zich ontwikkelt en of het goed gaat, zal de jeugdarts of de verpleegkundige jou dingen vragen. Bijvoorbeeld over de volgende onderwerpen:
  • Ben je met je baby bij de dokter of een specialist in het ziekenhuis geweest? Wat was het resultaat van dit bezoek? Is je baby onder behandeling van een arts en/of krijgt hij medicijnen?
  • Hoe slaapt je baby? Heeft hij een goed dag- en nachtritme en slaapt hij door, dat wil zeggen 5 uur achtereen?
  • Heeft je baby zijn eerste tandjes gekregen? Poetsen hoort erbij, met een erwtje babytandpasta en een speciale tandenborstel.
  • Speelt je baby met speelgoed? Stopt hij dingen in zijn mond? Kan hij een voorwerp doorgeven van de ene naar de andere hand of iets weggooien?
  • Ben je gestart met de oefenhapjes en eet je baby groente, fruit en pap?
  • Komen er allergieën, eczeem of astma voor in de familie? 

Dit kan jouw baby met 6 maanden

Gemiddeld (!) kunnen baby’s dit als ze 6 maanden oud zijn. Hij:
  • brabbelt en maakt geluiden als ‘ba’, ‘da’ en ‘ma’.
  • imiteert jou als je tegen hem praat, door dezelfde geluidjes te maken, of door terug te lachen of zelf ook de tong uit te steken.
  • kan zitten: met ondersteuning of zelfstandig.
  • begint met tijgeren, als aanzet tot kruipen. Zorg dat je traphekjes plaatst en een slotje op de keukenkastjes.

 

Nogmaals: elk kind ontwikkelt zich in zijn eigen tempo. Juist door aan te geven wat je baby wel en niet kan, helpt om hem goed te kunnen volgen.

Geef het aan als:

  • je baby maar één kant van zijn lichaam lijkt te gebruiken, dus maar één beentje of armpje omhoog doet.
  • hij niet reageert op geluiden of jouw stem en/of zelf geen geluidjes maakt.
  • hij scheel kijkt.
  • hij bleek ziet.
  • Hij niet kan omrollen.
  • Hij geen interesse vertoont in speelgoed of om te spelen.
  • Hij zijn voeding niet goed binnenhoudt of andere eetproblemen heeft.

Jij bent ook belangrijk

Hoe gaat het met jou? Ook hier wordt naar gevraagd. Gaat alles zoals je verwacht? Kun je het moederschap goed aan? Vraag om advies als je vragen hebt over hoe je met je baby kunt spelen, wat geschikt voor hem is of wat een veilige speelomgeving inhoudt.

Misschien vind je dit ook interessant: