how-to-help-your-child-start-sharing

Hoe je je kind kunt helpen om te gaan delen

Shalom Fisch

Delen is een belangrijk concept voor een jong kind om te leren. Als je kleintje moeite heeft om te begrijpen hoe dit moet, volgen hier enkele tips om iedereen fijn aan het spelen te krijgen.

Wees een goed rolmodel


Het belangrijkste is dat je ervoor moet zorgen dat je zelf het goede voorbeeld geeft. Laat je kind zien dat je deelt met je echtgenoot, kinderen en anderen. En vertel aan je kind dat je deelt, zodat hij zich realiseert wat er gebeurt. Eén voorbeeld is vermoedelijk niet voldoende om het kwartje te doen vallen. Na verloop van tijd zal een vast patroon van positief gedrag beslist zijn vruchten gaan afwerpen.

Prijs goed gedrag


Blijf letten op de momenten waarop je kind iets met anderen deelt, of het nu een ander kind, een volwassene of zelfs jou is. Geef je kind een complimentje als hij een "goede deler" is. Dit geeft hem niet alleen een goed gevoel, maar helpt hem ook zichzelf te zien als iemand die deelt. Hierdoor zal hij bovendien in de toekomst eerder geneigd zijn opnieuw te delen.

Vraag andere kinderen om te komen spelen


Leren delen vergt veel oefening. Speelafspraakjes bieden kinderen volop mogelijkheden om hun sociale vaardigheden te oefenen in omgevingen waar ouders toezicht kunnen houden en waar nodig zelfs een beetje leiding kunnen geven.

Zorg dat er voor ieder iets wils is


De meeste problemen met delen ontstaan als twee kinderen tegelijkertijd hetzelfde speeltje willen gebruiken. Een gemakkelijk manier om een conflict te vermijden is elk kind een identiek speeltje te geven om mee te spelen.

Het is echter niet altijd praktisch of betaalbaar om meerdere exemplaren van elk speeltje in huis te hebben. Kijk in dergelijke gevallen rond in je huis om te zien of je een ander speeltje kunt vinden dat lijkt op het speeltje dat beide kinderen willen. Een compleet ander speeltje kan ook werken als je kind dit net zo leuk vindt als het speeltje dat je hem wilt laten delen.

Oefen met om de beurt spelen


Kinderen die jonger zijn dan drie of vier jaar, besteden gewoonlijk veel van hun speeltijd aan "parallel spelen", oftewel aparte spelletjes bij elkaar in de buurt, in plaats van dat ze samen spelen. Dit is een volstrekt normale ontwikkelingsfase. Het betekent echter wel dat als je een conflict over een speeltje probeert op te lossen door voor te stellen dat een stel tweejarigen er samen mee kan spelen, je waarschijnlijk teleurgesteld zult worden.

Een veel effectievere strategie is mogelijk kinderen aanmoedigen om er om de beurt mee te spelen. Natuurlijk is het niet redelijk om te verwachten dat het ene kind gaat zitten toekijken hoe het andere speelt, maar als je beide kinderen iets leuk te doen geeft, kun je ze na verloop van tijd speeltjes laten ruilen, zodat iedereen de kans krijgt om met alles te spelen. Je kunt de overgang makkelijker maken door hen eraan te herinneren dat het bijna tijd is om te ruilen, net voordat de beurt voorbij is.

Hoelang zouden de beurten moeten duren? Dat kun jij zelf het beste bepalen, omdat dit afhankelijk is van de individuele persoonlijkheid en reacties van elk kind. Over het algemeen zijn jonge kinderen niet erg geduldig, dus korte beurten zijn mogelijk het beste optie. Je zult elke beurt waarschijnlijk niet langer dan enkele minuten of zelfs maar één minuut willen maken, als je weet dat een van de kinderen moeite heeft met delen.

Wees voorbereid


Sommige speeltjes zijn gewoonweg te bijzonder om te delen, vooral omdat ze nieuw zijn of omdat je kind er te veel van houdt. Dus neem, voordat je een speelafspraakje bij jou thuis maakt, een ogenblik de tijd om hier met je kind over te praten. Herinner hem eraan dat zijn vriendje komt spelen en praat over hoeveel plezier ze samen zullen maken.

Vraag je kind om na te denken over speeltjes die hij liever niet met zijn vriendje wil delen. Als die er zijn, berg je die speeltjes ergens op waar ze veilig zijn en door niemand worden aangeraakt tot na het speelafspraakje. Vervolgens kunnen jullie afspreken dat de rest van de speeltjes kunnen worden gedeeld.

Wees realistisch


Houd er vooral rekening mee dat leren delen een proces is. Dat leer je niet op een dag, en veel kinderen kennen ups en downs tijdens het leerproces.

Stel doelen voor je kind, maar zorg er ook voor dat je verwachtingen realistisch zijn. Met een beetje geduld, enige goed getimede ondersteuning en heel veel liefde duurt het niet lang voordat je kind een fundament van vaardigheden opbouwt dat hij zijn hele leven lang zal gebruiken.

Misschien vind je dit ook interessant: