Wiegendood of SIDS (Sudden Infant Death Syndrome) is iets waar ouders van jonge kinderen zich weleens zorgen om maken. Het is de onverwachte dood van een verder gezonde baby jonger dan een jaar. Gelukkig komt het zelden voor in Nederland: in 2019 zijn van de 169.680 geboren baby’s slechts 13 overleden aan wiegendood. Kom te weten wat de risicofactoren van wiegendood zijn en hoe je het kan helpen voorkomen door een veilige slaapomgeving te creëren.  

Risicofactoren van wiegendood

De meeste gevallen van wiegendood komen voor in de eerste levensmaanden, wanneer de baby tussen 2 en 4 maanden oud is. Het risico op wiegendood neemt flink af wanneer de baby ouder is dan 6 maanden en al zelf kan omrollen. Het is niet exact bekend wat wiegendood veroorzaakt, maar er zijn een aantal factoren die het risico kunnen verhogen. 

Slaapomgeving

  • Slaaphouding op de buik of zij. Baby’s die in deze houding slapen kunnen meer moeilijkheden ondervinden bij het ademen dan bij een rugligging.  

  • Slapen op een zachte ondergrond. Een te zacht kussen, matras of waterbed kan de luchtwegen van de baby blokkeren. 

  • Hetzelfde bed delen. In hetzelfde bed slapen als ouders, broers of zussen of huisdieren kan ervoor zorgen dat de luchtwegen van de baby belemmerd worden.  

  • Oververhitting. Te warm slapen kan het risico op wiegendood verhogen. 

Moeder

Toekomstige moeders kunnen onbewust bijdragen aan het risico op wiegendood. Risicofactoren zijn een moeder die:  

  • rookt 

  • drugs of alcohol gebruikt 

  • onvoldoende prenatale zorg kreeg   

Fysieke eigenschappen van de baby

Er is een hoger risico op wiegendood wanneer broertjes, zusjes, neefjes of nichtjes er al door overleden. Ook lopen jongetjes iets meer risico dan meisjes. Verder zijn dit fysieke risicofactoren die een baby kwetsbaarder kunnen maken voor wiegendood: 

  • Hersenafwijkingen. Bij sommige baby’s is het deel van de hersenen verantwoordelijk voor de ademhaling en de slaap minder goed ontwikkeld.  

  • Laag geboortegewicht. Premature baby’s en tweelingen of meerlingen kunnen nog niet de volledige controle over hun ademhaling en hartslag ontwikkeld hebben.  

  • Ademhalingsinfectie. Een recente verkoudheid kan ademhalingsproblemen veroorzaken bij baby’s.  

Hoe voorkom je wiegendood?

Deze stappen kan je nemen om het risico op wiegendood te verlagen: 

  • Laat je baby op de rug slapen. Doe dit telkens zodra je jouw baby te slapen legt tot hij 1 jaar is, ook voor korte dutjes. Geef dit ook mee aan wie voor jouw baby zorgt. Sommige baby’s rollen nadien zelf op hun buik of zij. Dat is oké, zolang ze zelf in staat zijn om zonder hulp terug te rollen.  

  • Hou de wieg leeg. Zorg voor een stevige matras die perfect in de wieg past, zonder ruimte aan de zijkanten. Gebruik geen extra opvulling, dekentjes of kussens. Stop je baby strak onder een lakentje. Ook speelgoedknuffels kunnen de ademhaling van je baby in hun bedje belemmeren.  

  • Leg je baby op een stevige ondergrond. Als je baby in slaap valt in het autozitje, de kinderwagen of draagdoek, leg hen dan te slapen op een stevig oppervlak.  

  • Gebruik enkel veilig materiaal. Zorg ervoor dat de wieg, kinderwagen en speelbox niet stuk zijn en voldoen aan huidige veiligheidsvoorschriften, ook als ze geleend zijn of tweedehands. 

  • Zorg ervoor dat je baby niet oververhit raakt. Oververhitting verhoogt het risico op wiegendood. Zorg ervoor dat de omgevingstemperatuur niet te hoog is (die moet aangenaam aanvoelen voor jou). Trek je baby maximaal 1 laag extra aan dan je zelf zou doen en bedek het hoofdje niet. Een slaapzak zonder kap of kruippakje kan wel. Als het hoofdje of de borst van jouw baby zweterig en warm aanvoelt, is het te warm. 

  • Laat je baby in dezelfde kamer slapen. Overweeg om jouw baby tot 1 jaar in dezelfde kamer te laten slapen - wel in een apart wiegje.  

  • Slaap in een apart bed. In hetzelfde bed slapen als je baby kan het risico op wiegendood verhogen omdat je per ongeluk in je slaap op je baby kan rollen, of de baby verstrikt kan raken in je beddengoed. 

  • Vertrouw niet op een wiegendoodmonitor. Experts raden deze af, omdat ze niet betrouwbaar zouden zijn. 

  • Gebruik een fopspeen. Dit mag zodra de baby 3 tot 4 weken oud is en kan het risico op wiegendood voorkomen. Gebruik geen fopspeen met een riempje of koord, of die vastzitten aan kleding. Steek de fopspeen ook niet terug in hun mondje mocht die uitvallen tijdens de slaap. 

  • Geef je baby de nodige vaccinaties. Sommige onderzoeken tonen aan dat een hogere immuniteit helpt tegen wiegendood. Daarom wordt het ook aangeraden om, als dat lukt, tot 6 maanden borstvoeding te geven. 

  • Rook niet in de buurt van je baby. Houd ook je auto en huis rookvrij en houd je baby weg van plekken waar mensen roken. 

  • Voorzie tijd op de buik. Laat je baby voldoende op de buik liggen als hij wakker is. Dat versterkt de nek- en rugspieren. Houd wel een oogje in het zeil dat je baby niet in slaap valt. 

Wanneer kan je stoppen met je zorgen maken over wiegendood?

Wiegendood is iets wat ouders verontrust, maar gelukkig komt het zelden voor in Nederland. Als je de voorzorgen die we meegaven opvolgt tot de baby 1 jaar oud is, beperk je het risico op wiegendood nog meer.

9932 Pampers BNL mb.com article implementation OCT21 sleep